Posts tonen met het label geesten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label geesten. Alle posts tonen

zaterdag 27 november 2010

EVProblemen

Een tijd geleden had ik een kennis die zich totaal had geworpen op het opnemen van stemmen op de band. Niet de stemmen van levenden, maar van doden. EVP, heet dat, Electronic Voice Phenomenon, ofwel: bandstemmen.
Deze jongen deed dat al jaren, en hij was in Nederland vraagbaak en deskundige op het gebied van communicatie met overledenen. Nieuwsgierig als ik ben zocht ik contact, en we correspondeerden een tijdje.
Ik nodigde hem uit om me te leren leren hoe ik dat communiceren moest doen, en hij installeerde een geavanceerd programma op m'n laptop dat precies de opgenomen geluiden kon analyseren, isoleren en reproduceren. En ja hoor, bij het eerste proefje kwam er al iemand door. Met een koptelefoon op zat ik m'n best te doen te horen wat hij hoorde, maar de interpretatie van de kreten liet ik maar beter aan hem over.
Zoiets moet je leren, zei hij.
Wat hij óók zei, was dat er in zijn huis en gezin nogal wat rare dingen gebeurden, spullen die plotseling wegraakten, verschoven meubilair, relaties die op tilt sloegen, psychiatrische problemen in het gezin, kortom, een hoop narigheid.
Ik besloot het EVPen aan hem en anderen over te laten en het programma van m'n computer te gooien.

Niet zo lang na onze ontmoeting verdween zijn uitvoerige site van internet, veranderde hij zijn telefoonnummer en was hij onbereikbaar geworden.

Ik ben er nooit achtergekomen wat er was gebeurd, en waarom hij deze hobby die al zijn tijd en aandacht opeiste zo plotseling in de steek heeft gelaten.
Het gaf mij wel het gevoel dat ik een goeie beslissing had genomen toen ik mijn EVP plannen liet varen.

Vandaag zag ik een documentaire over een echtpaar in Amerika dat in een nieuw huis was getrokken, prachtig gelegen aan een meer in een groene omgeving.
Het gezellige stel, Kathy and John, was van plan daar zorgeloos hun oude dag door te brengen, temidden van vrienden en familie.
Maar er was iets met het huis. Zodra ze er ingetrokken waren voelde ze zich gedeprimeerd. Vooral de schuur bezorgde Kathy de rillingen.
Toen zag ze een documentaire over het gebruik van een voice recorder in huizen waar het spookt.
Ze kocht er een, en zette hem op 'opname' . En natuurlijk, daar verscheen Mary.
Bij navraag was Mary een vroegere bewoonster die in die schuur zelfmoord had gepleegd. En blijkbaar was blijven hangen.
Een mengeling van nieuwsgierigheid, sensatiezucht en medelijden 'dwong' Kathy om telkens weer haar voice recorder aan te zetten. Op den duur had ze er een voor elk vertrek. En al haar tijd ging zitten in het afluisteren. Haar dagen bracht ze door met de koptelefoon inplaats van met haar man en vrienden. Van een gezellige sociale vrouw veranderde ze in een obsessieve verslaafde: aan 'Mary'. Die intussen ook andere onzichtbare entiteiten had uitgenodigd, en die hadden niks goeds in de zin. "I want you out!' hoorde Kathy, telkens en telkens weer..
Een andere, kwaadaardige wereld sloot zich om haar heen.

Gelukkig kwam het goed. Kathy kreeg hulp, gooide uiteindelijk haar bandjes en voicerecorders in de plomp, en hervond haar eigen persoonlijkheid.

Wie EVP opzoekt op internet vindt 265.000 hits. Jaren geleden werd er een film over gemaakt: 'White Noise'. EVP- experimenten zijn een hype bij mensen die geïnteresseerd zijn in het bovennatuurlijke. Miljoenen liefhebbers van electronica proberen het, en altijd met succes. En meestal gaat het goed, meestal is het een aardige hobby, en soms komt er ook echt iets interessants uit de opnames.
Maar de andere kant zijn de polters, de griezels, de gelegenheidsgeesten en demonische grappenmakers, en net als bij séances - met die types moet je geen risico's nemen. Onze Lieve Heer heeft rare kostgangers.
Een dansende tafel lijkt me reuze spannend, maar als het er op aankomt zie ik hem liever met vier poten op de grond.

GEESTEN IN DE WEER


Hoewel de meeste grafkelders er gelukkig netjes bijliggen, zijn in het verleden sommigen in opspraak geweest, vanwege voortdurende rustverstoring.
Het bekendste voorbeeld daarvan is de grafkelder van de familie Chase op het eiland Barbados, waar vanaf 1812 zonder een stoffelijke oorzaak de boel telkens weer aan het schuiven ging. Bij iedere volgende begrafenis bleek de chaos weer compleet. Wie daar meer over wil weten, hij raadplege internet.
▲ Hier de kisten in de Chase grafkelder.

Minder bekend is de wonderlijke geschiedenis van de grafkelder op het eiland Ösel in de Baltische zee, een verhaal dat door de bekende Spiritualist Robert Dale Owen gedaan wordt in zijn boek 'Footfalls on the Boundary of Another World', uit 1859. Zelf deed hij geen onderzoek naar deze kwestie, maar hij interviewde enkele directe betrokkenen die het allemaal zelf hadden meegemaakt.
Dit is wat er gebeurde:
In het plaatsje Ahrensburg was een landelijke begraafplaats waar enkele vooraanstaande families hun eigen grafkelder hadden; een ruime behuizing met een mooi en opvallend voorkomen.
De mooiste en ruimste was van de familie Buxhoewden, die daar al generaties lang haar doden bijzette.
Omdat dit grafmonument aan de weg lag en voorzien was van een aantal pilaren, was het juist daar dat mensen uit de omgeving hun paard vastmaakten wanneer zij de begraafplaats wilden bezoeken.
Al enige tijd was er sprake van geruchten dat het in de grafkelder van de rijke familie niet pluis was, maar niemand besteedde daar veel aandacht aan.

In het jaar 1844 werd dat anders.
Op 22 juni bracht de vrouw van kleermaker Dalmann met een door een paard getrokken rijtuigje een bezoek aan de begraafplaats, waar haar moeder begraven lag, in de buurt van de grafkelder van Buxhoewden.
Zoals ze meestal deed. maakte ze het paard vast aan een van de pilaren.
Nadat ze haar devoties had afgerond keerde ze terug, maar vond haar paard overdekt met zweet en schuim. Het dier was blijkbaar enorm geschrokken en kon nauwelijks lopen. Mevrouw Dalmann bracht het naar de dierenarts die aderlating uitvoerde. Ondanks die barbaarse methode genas het paard in enkele dagen.
Bezoekers die de week daarop langs de grafkelder kwamen hoorden rommelende geluiden en soms zelfs kreunen.
Maar toen eind juli van dat jaar 11 paarden aan de pilaren waren vastgemaakt en hun eigenaren terugkwamen, waren die dieren in een vreselijke staat. Sommigen lagen op de grond en hadden zichzelf verwond in een wanhopige poging te ontsnappen. De meesten konden nauwelijks nog lopen, en enkelen stierven kort daarna, want ook de aderlatingen hadden hun toestand niet verbeterd.
Dit was ernst.
De eigenaars van de paarden deden hun beklag bij de kerkelijke authoriteiten.
In diezelfde periode werd een lid van de Buxhoewden familie begraven. Tijdens de plechtigheden hoorden de aanwezigen akelige geluiden uit de grafkelder komen, en sommigen hielden het voor gezien.
De paarden kregen het weer op hun heupen, maar gelukkig niet zo dat ze op hol sloegen.
Enkele moedige mannen gingen op onderzoek uit.
Dat leverderde een verassing op: van de vele ter kelder bestelde kisten waren er drie op hun plaats gebleven.
De anderen lagen in wanorde door de kelder verspreid.
Hoewel de betrokken familie het voorval, toen nog als een grap beschouwd, liever in de doofpot wilde stoppen, ging het geval van de wandelende kisten - allemaal van massief eikenhout - als een lopend vuurtje over het eiland.
Nadat de kisten weer in rangorde waren teruggeplaatst hoopte men er het beste van. Maar de geluiden bleven komen, en korte tijd later was de kelder weer een puinhoop, alweer met uitzondering van dezelfde drie kisten, toebehorend aan twee jonge kinderen en een oude dame van goede reputatie.
Men dacht aan grafrovers, want in die tijd werden de rijken vaak met hun sierraden begraven. Maar niets was verdwenen. Onderzoek naar een geheime gang liep op niets uit: de vloer was onbeschadigd en de muren ook.
Daarop werd de grafkelder stevig verzegeld, de vloer met as bestrooid en wachters werden voor enkele dagen permanent in positie gebracht. De geluiden bleven verontrustend, en toen de notabelen na drie dagen de grafkelder kwamen controleren was de chaos groter dan ooit. Een van de kisten was zelfs opengegaan en een arm tussen kist en deksel wees ten hemel.
Dat was voor velen te veel van het goede, en met vluchtte de kelder uit.
Vooral omdat helemaal niets wees op inmenging van buiten, en de as op de vloer geen spoor van verstoring liet zien.
Men neigde nu toch werkelijk naar een bovennatuurlijke verklaring. Er bleef weinig anders over.

De onrust hield aan. Na enige maanden besloot de familie alle kisten onder de grond te herbegraven.
Vanaf dat moment is het rustig gebleven. Blijkbaar kunnen sommige geesten geen vrede vinden in de doodse stilte van een grafkelder. Of misschien was het er juist simpelweg te gezellig.
Je weet maar nooit.

DE LIFTER

Die vrijdagmiddag stond de lifter eenzaam langs de weg op de Interstate 40 in de buurt van Ashville, North Carolina.
Bill Fonda en zijn vrouw Jesse waren met de jongen begaan en namen hem mee.
Hij had rood haar en een paar treurige blauwe ogen. Zijn naam was Clayton, zei hij, en hij wilde graag naar een motel waar zijn kapotte truck stond. Onderweg hield hij niet op te vertellen dat hij z'n vrouw en baby zo miste, en dat hij die avond nog thuis wilde zijn in Tennessee. Dat was nog uren rijden.
Bij het motel stond de truck, een gedeukt vehikel dat eruitzag of het van de schroot kwam.
Bill liep met Clayton mee, en samen kregen ze de truck aan de gang en op de weg. Clayton was blij en nam vrolijk afscheid. Het echtpaar was er niet van overtuigd dat de truck zijn bestemming zou bereiken.

'Hij komt hier ieder jaar', zei de manager van het motel. 'Steeds dezelfde datum en dezelfde tijd. En altijd is de truck kapot, en maakt hij hem weer. Volgend jaar zien we hem weer komen. Het is zo'n treurige jongen."
Thuisgekomen bleef Jesse aan Clayton denken. Iets in die jongen liet haar niet los.
Die nacht kon ze niet slapen, en ze stond op en keek door het raam. De maan was vol.
Buiten stond de blauwe truck. Clayton stond over de motor gebogen.
Jesse ging naar hem toe en vroeg hoe hij wist waar ze woonden, maar ze kreeg geen antwoord. "Alsjeblieft, help me om thuis te komen", zei hij. "Ik mis m'n vrouw en baby, ik moet naar huis."
Z'n ogen stonden vol tranen.
"Okee", zei Jesse, en ze liep terug naar hun huis en maakte Bill wakker. Clayton volgde.
Bill was niet blij met de verstoring van z'n nachtrust, maar kwam toch uit bed. Clayton en zijn blauwe wrak waren in geen velden of wegen meer te zien. Jesse twijfelde aan haar verstand.

Een maand later dacht niemand meer aan Clayton. Bill en Jesse waren op zoek naar een huis en doorkruisten het platteland. Op een van die tochten zagen ze een bekende blauwe truck in een veld liggen. Het ding zag eruit of het er al heel lang lag. De boer van wie het veld was wist er meer van.
"Het gebeurde in de week van volle maan in oktober, tien jaar geleden", vertelde hij.
"Om 2 uur 's nachts hoorde ik een vreselijke crash op de weg. Die blauwe truck was door een vrachtwagen van de weg gereden. De bestuurder was in slaap gevallen, maar hij bleef ongedeerd. De jongen in de truck was er slecht aan toe. Het kostte ons twee uur om hem uit de auto te bevrijden, en al die tijd bleef hij maar praten over zijn vrouw en kind en hoe graag hij naar huis wilde. Toen de ambulance uiteindelijk kwam was het te laat; hij stierf op weg naar het ziekenhuis.
Zijn vrouw hebben we nooit gevonden, want de jongen had geen identiteitskaart bij zich, geen nummerbord, helemaal niets. Hij had rood haar en blauwe ogen, dat herinner ik me nog goed. Niemand heeft zijn lichaam ooit geclaimd".
"Zijn naam was Clayton" , zei Jesse.

Bill was zo geschokt dat hij nooit meer over het geval wilde praten. Maar Jesse ging op onderzoek uit, en vond gasten in het motel die de jongen ook hadden gezien, in voorgaande jaren. Een van hen had ook willen helpen met de truck, maar die was inmiddels verdwenen.
De familie van Clayton is niet gevonden, maar Jesse heeft getekende getuigenverklaringen van mensen die Clayton hebben gezien en met hem hebben gesproken.
Dit was Jesse Fonda's eigen verhaal.

zaterdag 30 oktober 2010

HALLO, MR ALLISON!

Dit is een mooi en sympathiek spookverhaal, uit FATE Febr 1995

Voor mijn man en ik in 1949 naar Engeland voeren, kocht ik een gebruikte hutkoffer. Het was een mooi stuk bagage dat er nog als nieuw uitzag. Vooral het koperkleurige slot trok m'n aandacht, mooi en stevig. Die hutkoffer zou niet zomaar opengaan.
Na onze aankomst in Londen vonden we een appartment in een 300 jaar oud huis. De bakstenen muren waren wel 30 cm dik. Ons appartement lag op de bovenste verdieping.
Bij elkaar hadden we drie hutkoffers, en toen alles was uitgepakt zetten we die op de kant met een paar kussens en een velour kleed erop, zodat ze een mooie zitbank vormden bij het raam.
Nauwelijks hadden we die avond het licht uitgedaan, of we hoorden kloppen in de oude hutkoffer.
Ik stond op, opende de kist,en maakte hem weer secuur dicht, zodat het slot niet kon rammelen.
Di nacht bleef het rustig, maar de volgende nacht gebeurde hetzelfde.
Scotty, mijn man, zei "Okee, Mr. Allison, dat is genoeg!"
Ik vroeg wie Mr Allison was, en Scotty vertelde dat toen hij een jaar of acht was zijn moeder en stiefvader een farm hadden gekocht in Michigan. De farm was goedkoop, omdat hij de reputatie had dat het er spookte.
Mr. Allison, de vorige eigenaar, had het huis zelf gebouwd. Het was een huis van twee verdiepingen, en de bovenste verdieping was nooit afgekomen. Mr. Allison was overleden nadat hij was uitgegleden en achterwaarts in een lange spijker was gevallen die in z'n hart was doorgedrongen.
Het huis had enige jaren leeggestaan tot mijn moeder en stiefvader hem kochten.
Scotty en zijn broer en zusje kenden het verhaal niet, maar toen ze naar school gingen hadden ze erover gehoord van de dorpskinderen.
Scotty's moeder ging er heel gewoon mee om. Ze zei: "die arme Mr Allison, hij moet wel erg eenzaam zijn. Laten we een plaats voor hem vrijhouden aan tafel.
De kinderen vonden het een geweldig spel en ze maakten er een gewoonte van om steeds wat van hun eten op het bord van Mr Allison te leggen. Zo werd die een geaccepteerd lid van het gezin.
De kinderen waren daardoor ook nergens bang voor, ook niet als ze bv de schommelstoel zagen wiebelen of een deur onverwachts openging. Hallo, Mr. Allinson!" zeiden ze dan.

Toen de familie verhuisde naar een andere plaats was Scotty verdrietig omdat ze Mr Allison niet mee konden nemen. Nu zou hij weer alleen zijn.
Maar blijkbaar had Mr Allison na vele jaren de weg terug gevonden.
Toen de nu volwassen Scotty hem begroette hield het kloppen op, en het bleef weg. Mr. Allison wilde blijkbaar alleen maar een stuk erkenning van zijn aanwezigheid.

Het jaar in London was om en we gingen weer terug naar Amerika. De dag voor we gingen pakken zei Scotty: Mr. Allison, het is tijd om tevoorschijn te komen.
We lachten allemaal, maar het slot van de hutkoffer sprong open.
Het kloppen bleef achterwege.
Terug in Amerika zette ik een advertentie voor de hutkoffer, waar zo nu en dan nog wat geluid uitkwam.
De eerste die op de advertentie reageerde kocht de kist. Ze wilde hem meenemen naar Hawaii, waar ze haar kleindochter ging bezoeken.
Of Mr Allison bij zijn nieuwe eigenares ooit nog geklopt heeft ?
Hopelijk heeft hij de weg naar het licht eindelijk gevonden.

zondag 30 mei 2010

ACHERM

Veel godsdiensten zijn het erover eens dat men na de dood geen last meer heeft van gebreken en narigheid.
Volgens de spiritistische overlevering verdwijnen rimpels en verzakkingen en gaat men weer als een 30-jarige door het Afterlife, krachtig en gezond, ook al meten verschijningen zich nog wel eens hun oude fysiek aan omwille van de herkenbaarheid.
Hoe het ook zij, dat idee heeft wel wat. Tenslotte wil niemand ook nog eens geteisterd worden door ongemakken wanneer hij het lichaam heeft verlaten. Dan kun je net zo goed hier blijven.

Maar in andere culturen werd wel eens aan getwijfeld aan die lichamelijke opleving.
Zo vind ik in een boekje van een zendingsarts uit 1923 een verhaal van een man die een kunstbeen had gekregen en dat dolgraag wilde meenemen in het graf, omdat hij anders daarginds niet zou kunnen lopen.
Ook dat geloof is zo oud als de wereld. Egyptenaren en andere oude culturen gaven hun doden alles mee om comfortabel te kunnen voortbestaan. Blijkbaar stelde men weinig vertrouwen in de natuurlijke bronnen in hemelse regionen. Of men zag de bui van voor eeuwig nectar en ambrozijn al hangen.

Orthodoxe Christenen en Joden moeten ook niets hebben van niet compleet begraven lichamen, want beide groepen verwachten een lichamelijke opstanding als de Dag des Oordeels respectievelijk de Masjiach komt, ergens, in de verre vage toekomst. Dan moet je uit de voeten kunnen.
Dat is de reden waarom in Israel de slachtoffers van bomaanslagen door een team van speciaal daartoe aangewezen mensen worden 'verzameld' onder rabbinaal toezicht, zodat hun lichaam toch compleet kan worden begraven. Voor orthodoxe Joden is dat geen werk, maar een roeping.

In eerder genoemd boekje uit 1923 vind ik een beeldend verhaal over mensen die hun hoofd zijn kwijtgeraakt.
Dat is in de meeste gevallen fataal, en op het eiland Ceram (Molukken) in 1923 doorgaans het gevolg van koppensnellen. Ceram ligt iets ten westen van Nieuw Guinea, en daar heeft men lang hardnekkig volgehouden aan de goede gewoonten van de voorouders.
Op het eiland Ceram was een berg. Of liever: hij zal er nog wel zijn. Dat was de 'geestenberg' Hatu Wolokone.
Ik neem het treurige verslag in z'n geheel over.

"Op den Hatoe Wolokone zijn de geesten der gesnelden, die zonder hoofd voor den Grooten Geest komen; zij voelen hem en zoeken rust bij hem, maar hij kent hen niet, omdat zij geen hoofd hebben.
Nu zoeken zij met uitgestoken armen en met wankele schreden. De een loopt tegen den ander aan en de een stoot den ander. De steenen op den hoogen bergtop zijn scherp en wonden hun voeten; maar bloed komt niet uit de wonden en daarom schrijnen deze en martelen.De dorens aan de slingeplanten prikken en steken de beenen en omstrengelen hen. Zij hebben geen mond om te eten en geen mond om te drinken; zij lijden honger en dorst. Als het hier geregend heeft, gaan de nevels als sluiers naar boven en zweven tegen den berg op. Daar omwikkelen zij de naakte lichamen en deze bibberen van de koude. Een vuur is daar niet. Zij loopen rond en slaan de armen om elkaar heen; maar de doodskoude wordt nog killer door de natte nevelsluiers. Dan loopen ze snel als de wind en de nevels wapperen hen na, tot de stem van den Grooten Geest klinkt als de donder. Zijn medelijden zendt dan het vuur van den bliksem. En als het volle maan is, dan liggen allen onder de struiken, omdat de koude van den sterrenhemel doordringt tot op het gebeente. Des daags omhullen dichte wolken den berg; nu en dan valt een steen naar beneden. Daar stonden dan veel geesten op."

zondag 23 mei 2010

PARANORMAL STATE

Paranormaal is in.
Helaas niet zó in dat er ook subsidie komt voor wetenschappelijk onderzoek, maar op de televisie zien we niet anders. Buitenlandse series gaan of over misdaad, ziekenhuizen en advocaten, of over alles wat vreemd, helderziend, eng en spooky is. Of een combinatie van het een met het ander.
Soms liggen aan die series echte ervaringen (min of meer) ten grondslag, zoals bij
'Medium', en 'Ghostwhisperer', maar vaak is het ook alleen entertainment.
Buitenlandse mediums zien we hier ook. Char, Derek Ogilvie en een tijdje Lisa Williams, waarvan ik hoop dat u die niet gemist heeft, want ze is goed.
Dan hebben we nog 'het zeste zintuig' , maar dat is zo bedroevend dat we het daar maar niet over willen hebben.

Een van de gevolgen van dat geldgebrek en de groeiende populariteit is dat er, vooral in Engeland en Amerika, gigantisch veel groepen actief zijn die vooral het spookwezen voor hun rekening nemen. Tegenwoordig schijnt er bijna geen dorp meer te zijn zonder z'n eigen 'Ghost hunting Society'.
Niet zo gek, want het stikt bij onze westerburen van de mystieke plaatsen en geheimzinnige locaties. Waar Engeland z'n keltische tradities heeft, stikt het in Amerika van de Native American overblijfselen. Om het nog maar niet te hebben over alle enorme maar op instorten staande gebouwen waar vroeger gevangenen en krankzinnigen werden opgesloten, en die nu doorgierd worden door de wind; een paradijs voor spoken.
Wie wil 'Ghosthunten' schaffe zich wat electronica aan en belt de dichtstbijzijnde Society voor een mooi en liefst doodeng avontuur op het plaatselijke kerkhof of in de leegstaande kerk.

Zulke geestjagersclubs zijn er in alle soorten. Ernstige serieuze mensen maar ook grappenmakers met hun eigen agenda. Enkelingen, betweters, autocraten en meelopers, gelovigen en sceptici, dommerikken en wetenschappelijk gemotiveerden. Internet biedt de handleidingen voor 'Hoe word ik paranormaal onderzoeker?" of "Hoe word ik spokenjager?" Zoek maar uit. Oneindig veel sites op dit gebied.
De laatste keer dat ik keek gaf 'Ghost Hunting' op Google 1.750.000 hits!

Het heeft wel iets. En het zegt ook wat: al die belangstelling voor het onverklaarbare. Het grote voordeel van al die eigen initiatieven is dat die mensen niet te maken hebben met de fanaten die elk spook de grond in boren, of de dwazen die vinden dat acupunctuur strafbaar moet zijn. Zulke figuren vergallen alleen het leven van paranormaal Nederland.

In Amerika kijkt niemand op van 'rare' mensen die een ongrijpbaar doel beogen. En in Engeland...ach...daar horen spoken er gewoon bij.

Zo komt het dat er in die landen nogal wat realityseries worden gemaakt die zulke groepen volgen op hun nachtelijke avonturen. Om te kunnen vergelijken heb ik vele DVD's bekeken, zowel uit Engeland als Amerika.
Het is verbijsterend te bedenken hoeveel mensen daar last hebben van een spokend huis.
Vaak staan de gebeurtenissen in verband met rituelen in het verleden, met (Indiaanse) begraafplaatsen waarop gebouwd is, mijninstortingen, moord, of gewoon een vroegere bewoner die niet verder wil.

Onlangs kocht ik de eerste twee jaren van 'Paranormal State', een reality-serie die gaat over een groepje studenten uit Pennsylvania, onder leiding van de charismatische Ryan Buell.
De groep reageert op oproepen vanuit vele delen van het land, altijd van spooktechnische aard, hoewel het ook wel aan de afvoer blijkt te liggen.
Wat bijzonder is aan deze serie is de serieuze, niet sensationele aanpak. Men komt bij gewone Amerikanen over de vloer en wordt deelgenoot gemaakt van hun zorg en angsten zonder dat het riekt naar voyeurisme.
In bijzondere gevallen worden mediums erbij gehaald, waaronder de tamelijk bekende Chip Coffee, en trance medium en demonologist Lorraine Warren. Want ook dat laatste specialisme blijkt soms goede diensten te kunnen bewijzen.
Zo nu en dan is de hulp van een priester noodzakelijk, om een huis te zegenen, en hopelijk, de weg naar elders vrij te maken voor de geest die bleef plakken.
Hoewel de geesten niet altijd verdwijnen speelt de psychologische factor een grote rol in de tevredenheid van de klanten: men voelt zich serieus genomen, en vaak verdwijnt dan ook de angst. Soms verandert de angst voor de geest in zich 'beschermd voelen' door diens aanwezigheid.
Deze serie heeft wat kwaliteit betreft verreweg mijn voorkeur. Een aanrader voor mensen die Engels verstaan en Amerikaanse DVD's kunnen afspelen. http://www.aetv.com/paranormal-state/video/
(voor een paar tientjes kun je een converter programma downloaden, bv 'AnyDVD' waardoor je elke regio kunt afspelen)

Onwillekeurig denk je dan: hoe zit dat hier? Hebben mensen hier ook last van geesten die de boel verzieken? Ook al hebben wij geen Indianen?
Geen idee, we horen er hier nooit wat over. Ons landschap is te plat en onze geest te nuchter.
Maar toch....

donderdag 20 mei 2010

RONDOM DOOD

De tweede helft van de 19de eeuw was een periode van schokkende spirituele gebeurtenissen. In het Victoriaanse tijdperk genoot men net als nu van wonderbaarlijke verhalen, spookgeschiedenissen en duister bijgeloof, als een reactie op de Verlichting, waarin materialisme en Darwinisme de maatschappij ingrijpend veranderden.
Zo zitten mensen in elkaar. Geen New Age zonder de gigantische technische sprongen die de laatste drie generaties hebben meegemaakt.
In mijn bezit heb ik een boekje uit die gouden eeuw, dat vol staat met spookverhalen uit het 'Terrific Register'. Verhalen die men in die tijd toeschreef aan de 17de eeuw, want hoe ouder hoe leuker. Of dat register ook werkelijk bestond is de vraag, maar dat maakt de verhalen niet minder mooi.
Hier komt er een, uit 1643.

"Catherine, de weduwe van William Coke, in leven timmerman in de county Armagh, zegt dat op 20 december 1641 een grote groep rebellen in de rivier bij de brug van Portnedown verdronken was, en dat negen dagen later zij de geest zag van een man die in die rivier verscheen op de plaats van de verdrinking. Hij stond kaarsrecht met zijn handen ten hemel geheven en zo werd hij ook gezien door soldaten van het Engelse leger die door die streek marcheerden en waarvan haar man deel uit had gemaakt. De verschijning werd steeds in dezelfde houding gezien en sommigen zagen ook andere geesten. 'sNachts was er veel gekrijs, en vreemde geluiden werden gehoord die uit die rivier kwamen, voor lange tijd daarna."

Levend begraven worden was een terechte angst, want dat gebeurde nogal eens. De medische wetenschap stond nog in de kinderschoenen, en het verschil tussen coma, bewusteloosheid, lock-in syndrome en dood was moeilijk vast te stellen. Van reanimatie had men ook geen kaas gegeten. Uit grafruimingen is dan ook gebleken dat menigeen in de kist ontwaakte, en met een meter aarde op de kist om je kreten te smoren blijft er dan weinig hoop. Je moet er even niet aan denken.
Hieronder zo'n verhaal - ook uit het 'Terrific Register' - dat nog maar net goed afliep.....

" Een jonge vrouw die al heel lang op bed lag met een heftige nerveuze aandoening, was eindelijk naar het zich liet aanzien overleden. Haar lippen waren bleek, haar gezicht zag er dood uit en haar lichaam werd koud.
Men haalde haar weg uit de kamer waarin ze was gestorven, en men legde haar in een kist. De dag van de begrafenis werd vastgesteld, en hymnes en begrafenisgezangen werden voor haar gezongen. Maar net toen men over wilde gaan op het vastnagelen van de deksel van de kist nam men transpiratie waar op haar gezicht, en korte tijd later ontwaakte zij.
Het volgende deelde ze mee over haar ervaringen: "Het leek allemaal een droom, en hoewel ik echt dood was kon ik toch horen en zien dat mijn verwanten om mij treurden. Ik hoorde het gelamenteer bij de kist, en ik voelde hoe men mij de doodskleren aantrok. Dat gaf mij een onbeschrijfelijk gevoel van angst. Ik probeerde te roepen maar mijn geest had geen macht meer over mijn lichaam. Ik voelde dat ik zowel in als buiten mijn lichaam verkeerde. Geen enkel lichaamsdeel gehoorzaamde aan mijn bevelen hoewel ik voortdurend probeerde iets te bewegen.
Pas toen men de deksel op de kist wilde nagelen werd ik zo gegrepen door angst om levend begraven te worden dat mijn geest lichamelijke tekenen teweeg bracht op mijn lichaam, waardoor ik voor een vreselijke dood werd behoed."

Wij zeggen nu dat die vrouw een uittreding beleefde waardoor ze getuige was van alles wat er om haar heen gebeurde. Zulke verschijnselen zijn van alle tijden.

dinsdag 18 mei 2010

GEURENDE GEESTEN

Vorig jaar was ik bij een demonstratie van een Braziliaans schildermedium. Op een gegeven moment liet hij het publiek weten dat er dokters in de zaal waren. Geesten, wel te verstaan. Konden we dat ruiken?
Ja. De meesten van ons roken chloroform, hoewel dokters in deze tijd die lucht zelden meer bij zich dragen.
Enkelen roken het niet. Ik dacht dat ik wat rook, maar suggestie is ook wat.
Hoe dan ook, geuren die paranormale verschijnselen begeleiden zijn een bekend fenomeen. Menig contact met een overledene heeft plaats via de vertrouwde geur van een bepaald merk tabak, een parfum, of een bloem waar de overledene een voorkeur voor had. De geur is de communicatie, want in de meeste gevallen moet de achterblijver het daarmee doen. Maar die specifieke geur is genoeg om de levenden te overtuigen van de aanwezigheid en het voortleven van hun dierbare.

In een parapsychologisch tijdschrift lees ik meer over dit soort geuren. Mediums hebben regelmatig gewag gemaakt van de geuren waarmee de geesten zich bekend maakten. Het medium Rev.Stainton Moses (1839-1892) onderscheidde een geur die hij 'spirit geur' noemde, en die volgens de aanwezigen uit zijn hoofd leek te komen.
Spookhuizen hebben vaak een herkenbare geur die gekoppeld is aan bepaalde verschijningen of bepaalde vertrekken. Plaatselijk zijn die dan ook bekend als 'de geurende dame' of 'de kamer van de lavendel'.
De geuren komen en gaan, ze blijven niet hangen zoals bijvoorbeeld de lucht van cigaretten in een huis waar nooit gerookt wordt. Dieren nemen ze beter waar dan mensen en uit hun gedrag blijkt dat ze de herkomst schijnen te herkennen.
Geuren zijn niet altijd prettig om te ruiken, soms kan het ook behoorlijk stinken in de aanwezigheid van geesten.
In sommige gevallen kunnen die onaangename lucht een aanwijzing zijn voor hoe een persoon is overleden, voor't geval iemand daarin is geïnteresseerd. In zo'n geval lijkt de geur bedoeld als een dringende boodschap, of een noodkreet.
Hoe die geuren tot stand komen weten we natuurlijk niet, maar omdat de meesten van ons niet helderziend genoeg zijn om onze dierbaren na de dood te zien, is het misschien verstandig om onze neus wijd open te houden.

donderdag 13 mei 2010

SNELHEIDSCONTROLE

De meesten van ons houden onder het rijden de flitspalen in de gaten, of vertrouwen op de waarschuwingen van hun TomTom. Bekeuringen zijn weggegooid geld, tenslotte.
Hoe dan ook, het is verstandig om te weten hoe hard je gaat en het niet te bont te maken.
Helaas moeten we daar in de regel zelf op letten, in tegenstelling tot Charlie McKinney, een man uit Indiana, die in 1950 een tweedehands Buick kocht, bouwjaar 1938.

Daarbij kreeg hij een klopgeest meegeleverd.
Hij schrijft in FATE (1999) : "Als ik haast had om thuis te komen en ik reed harder dan 100 km, dan werd er drie keer van achteraf op m'n rug gebonkt. Als ik dan langzamer ging rijden hield het op. Maar zette ik er weer vaart in, dan voelde ik het weer. Het was een vervelend gevoel, dus ik hield me zoveel mogelijk aan de snelheidsgrens.
De eerste keer dat het gebeurde heb ik stoel uit de auto gehaald om een natuurlijke oorzaak te vinden voor het klop-effect, maar ik vond helemaal niets ongewoons.
Toen het vaker gebeurde en steeds op dezelfde manier, raakte ik ervan overtuigd dat het een geest was die me wilde waarschuwen. Misschien iemand die zelf in die Buick een ongeluk had gehad bij te hoge snelheid.
Het geklop gebeurde als ik alleen was maar ook als er anderen in de auto zaten.
Bij de auto's die ik daarna bezat is het nooit meer voorgekomen."

donderdag 18 maart 2010

LUMINATOR

Mark Macy is de promotor van de site van ITC, Instrumental TransCommunication, een uitgebreidere vorm van EVP, omdat het ook beelden omvat. http://www.worlditc.org/

Macy is een wonderlijke jongen, die in zijn twee boeken 'Miracles in the Storm' en 'Spirit Faces' de avonturen beschrijft van een groep mensen die zich met de technische kant van communicatie met Gene Zijde bezighouden, maar op de een of andere manier tenondergaan aan de menselijke kant van de zaak.
'Miracles in the Storm' is daarom een nogal treurig boek.
Spirit Faces gaat vooral over Macy's geloof in de goede bedoelingen van (sommige) mensen en ( de meeste) geesten, en beschrijft zijn vele experimenten met een apparaat dat luistert naar de naam 'Luminator', dat is uitgevonden door een Patrick Richards uit Michigan.
Met behulp van dat ding kunnen polaroid foto's gemaakt worden van levende mensen, terwijl dan de doden erop te zien zijn als een soort 'overlap' op iemands gezicht.

Geestenfotografie werd al bedacht in de 19de eeuw, en met succes door fotografen toegepast, echt of fake, naar gelang hun karakter. Zeker is dat die fotografie immens populair was onder spiritisten en andere mensen.
De Luminator schijnt daar een modernere versie van te zijn.
Ik weet niet wat ik er van denken moet. Gelukkig wordt m'n mening niet gevraagd.
Maar wat me op m'n kop zette was een klein fragment op het einde van 'Miracles' . Macy vertelt op blz 105 over de uitvinder Richards, die een proefje nam met drie luminators in een driehoekige opstelling.
We kennen allemaal de verhalen over de U.S.S. Eldridge en het Philadephia-experiment, waar, een beetje waar of niet waar.
Geeft je de creeps, dat in ieder geval. Een frequentie die iets laat verdwijnen om ergens anders weer op te duiken. En dat in 1943.

Stel je voor waar men nu toe in staat is, en welke proever er wellicht ergens in Area 51 of op een andere duistere plaats genomen worden.
Ik moet er niet aan denken en koester geen illusies.


Maar terug naar de Luminator:
Toen Richards de drie apparaten had aan gezet en in het centrum van de straling zat, voelde hij een vreemde sensatie. Z'n hoofd leunde tegen de muur, en ging daar door heen. De muur was niet langer wat een muur meestal is: vast en stevig.
Richards trok z'n hoofd haastig terug, en heeft het er wel uitgelaten om ooit nog zoiets te proberen. Hij was zich wezenloos geschrokken.
Kan de Luminator op die manier een vortex creëren, die toegang geeft tot een andere dimensie?
En dan?

vrijdag 12 maart 2010

PILAAR AUGUSTA

We zijn in Augusta, in de Amerikaanse staat Georgia.
Daar staat op een straat hoek een pilaartje. ◄ Het mag nauwelijks naam hebben: 3 meter hoog en 60 cm dik. De Augustenaren geloven dat het gevaarlijk is om de pilaar aan te raken. Je kunt er aan dood gaan.
In de 19de eeuw was de pilaar onderdeel van een marktgebouw.
Daar verscheen rond 1875 een man die als een oud-testamentische profeet de verwording te lijf ging, met wapperende haren en veel tamtam. Hier en daar werd hij weggejaagd, en toen hem dat teveel werd voorspelde hij dat de markthallen binnenkort zouden omwaaien en dat alleen die bewuste pilaar over zou blijven. Wie zou proberen de pilaar te verplaatsen kon rekenen op een vroege dood.


En zo geschiedde.
Op 8 februari 1878 werd het bouwsel gegrepen door een tornado en meegesleurd, waarbij enkele slachtoffers vielen. De pilaar stond nog overeind, en werd verplaatst naar een betere plek, maar de mensen die hem verplaatsten lieten het leven, door blikseminslag, hartaanvallen en meer van die ongein.
Het zuiltje bouwde voortvarend aan zijn reputatie van 'spookpilaar' .
Intussen is het ding een bezienswaardigheid en toeristen en inwoners horen geheimzinnig gefluister tussen geesten, en voetstappen van onzichtbaren in de buurt van de pilaar.
De locale politie meldt een ongewoon hoog aantal verkeersongelukken op het kruispunt dat gesierd wordt door de onsympathieke zuil. Zelf werd hij al enkele keren door de bliksem getroffen en een auto is er tegenop geknald.
Maar nog steeds staat hij daar, als teken van ons onvermogen.
Bent u ooit in Augusta: ga kijken, maar hou uw handen op uw rug!

maandag 8 maart 2010

GEFLESTE GEESTEN

Gisteren kreeg ik de blog onder ogen van Roy Stemman, schrijver over paranormale onderwerpen.
http://www.paranormalreview.com/
Hij vraagt zich handenwringend af hoe goedgelovig mensen kunnen zijn.

Wat wil namelijk het geval: op de Nieuw Zeelandse versie van eBay worden gefleste geesten verkocht, en er wordt druk op geboden!
150 bieders op het moment van schrijven, en het hoogste bod was £ 850.-, dat is ongeveer € 1000.-

De verkoper zegt dat het een doodserieuze zaak is. De twee geesten zaten hem al langer dwars. Een van de twee is een man die vroeger in zijn huis gewoond heeft, en de ander is een jong meisje dat via het OUIJA bord zijn leven binnenkwam, en de boel op stelten zette.
Erg akelig allemaal.
Gelukkig is de verkoper er met behulp van een exorcist in geslaagd de geesten op wijwater te bottelen, dat acuut blauw kleurde. Prima middel om geesten onder de duim te houden.

Stemman peinst hoe dat nu verder moet.
De flesjes zijn gelabeld, dus er kan geen misverstand ontstaan als de koper een van de twee geesten wil loslaten. Dan is het een kwestie van het water laten verdampen, zegt hij. Komt allemaal goed.
Het geld dat de verkoop de anonieme eigenaar oplevert wordt geschonken aan een vereniging ter voorkoming van wreedheid tegen dieren, zegt hij. Stemman oppert dat hij net een andere vereniging het licht heeft doen zien: die ter voorkoming van wreedheid tegen geesten.
Op zijn site staat een link in het artikel, voor degene die alsnog wil bieden....maar ik vrees dat het inmiddels te laat is, en de geesten een nieuwe eigenaar hebben gevonden....

maandag 22 februari 2010

WINCHESTER MYSTERY HOUSE

In Amerika kan men alles verwachten. Hieronder een fantastisch verhaal over de geschiedenis van een bezienswaardigheid.

Sarah Pardee werd geboren in 1839, als dochter van een welgestelde familie uit New Haven, Connecticut. Ze trouwde met William Wirt Winchester, een jongeman uit dezelfde plaats, en zoon van de rijke textielfabrikant Oliver Winchester. Die nam in 1857 de aandelen over van een bedrijf dat geweren produceerde volgens een nieuw type. Oliver bracht nog wat verbeteringen aan in het bestaande model en produceerde zo het eerste automatische wapen, dat elke drie seconden een schot kon afvuren. Dat was een enorme verbetering, en bij het uitbreken van de Civil War in 1861 was dit geweer absoluut favoriet onder de troepen van de Noordelijke staten.
Oliver Winchester vergaarde een onmetelijke fortuin over de lijken van Amerikaanse soldaten. Op het hoogtepunt van de Burgeroorlog, in 1862, traden William Winchester en Sarah Pardee in het huwelijk. Na vier jaar werd hun dochter Annie geboren, maar zij stierf korte tijd later aan een kinderziekte. Sarah kwam haar dood nauwelijks te boven.
Het echtpaar kreeg geen kinderen meer. William stierf in 1881, en liet Sarah een kapitaal na van meer dan $ 20 millioen; een ongelofelijk bedrag in die tijd. Ook kreeg ze uit het bedrijf nog een som van $ 1000 per dag.
Omdat Sarah diep bleef rouwen om haar man en kind, stelde een vriend voor dat ze naar een spiritualistisch medium zou gaan. Het medium kreeg William aan de lijn, die een opwekkende boodschap voor Sarah had: Er rustte een vloek op de familie, en de geesten van de soldaten die door de Winchestergeweren waren omgekomen zochten wraak.
Dat waren er nogal wat. "Je moet New Haven verlaten" , sprak het medium, "en je in het Westen vestigen om een nieuw leven te beginnen. Bouw een huis voor jezelf en voor de geesten. Je mag nooit ophouden met de bouw, want dat wordt je dood."
Sarah trok naar Californië, vond en kocht in 1884 een huis in aanbouw met veel land, trok zich niets aan van het bouwplan, en huurde een leger plaatselijke bouwvakkers, die 36 jaar lang het huis 24 uur per dag bouwden, verbouwden, herbouwden en opnieuw bouwden, net naar het Sarah uitkwam.
Ze had geen plan, maar bedacht ter plekke oplossingen voor de zich langzaam ontwikkelende kolos. Wat niet klopte werd gewoon aangepast. Zo kon het gebeuren dat deuren op niets uitkwamen, trappen naar niets leidden en sommige kamers om andere kamers werden heengebouwd. Hoofdzaak was niet dat het huis geriefelijk werd, maar dat het een doolhof zou worden voor wraakzuchtige geesten. Want dat die haar ondergang op het oog hadden, daarvan was Sarah overtuigd.
De bouw ging onafgebroken door tot 1906, toen de grote aardbeving van San Francisco een deel van het gebouw vernielde. De bovenste drie verdiepingen tuimelden de tuin in, en zijn nooit meer herbouwd.
Sarah was ervan overtuigd dat de schade het werk van de geesten was, en sloot een gedeelte van het huis af, zodat het gebouw nooit meer af zou komen, en een aantal geesten misschien ook opgesloten zou worden. Daarna ging zij verder met de uitbreidingen op lagere niveaus.
Op 4 september 1922 stierf Sarah Winchester in haar slaap, op 83-jarige leeftijd.
Haar fortuin was grotendeels opgeslokt door de bouw. Toen de werklieden hoorden van haar overlijden lieten ze alles in de steek, en zo komt het dat sommige spijkers nog half uit de wanden steken.
Als men er de weg moet vinden wordt men zwaar op de proef gesteld: want " de trap naar boven leidt niet naar de zolder en de trap naar beneden niet naar de kelder".
Sinds de 20er jaren is het huis open voor het publiek. Tegenwoordig is de eigenaar Winchester Investments, en men kan het huis bezoeken en er een rondleiding krijgen. Op elke vrijdag de 13de en op Halloween zijn er speciale voorzieningen....

Spookt het werkelijk in Winchester Mystery House? Psychics die er geweest zijn beweren van wel, en ook bezoekers en personeel hebben soms ongewone ontmoetingen. Dat Sarah Winchester er zelf nog rondwaart is vanzelfsprekend.
Een klein detail: Sarah was geobsedeerd door het getal 13, en dat is overal terug te vinden in het design van ramen en in bouwdetails. Iedere vrijdag de dertiende wordt de grote bel in het huis 13 maal geluid, ter ere van Sarah Winchester.

GEESTEN IN SPIJKERBROEK

Het Engelse blad Psychic News heeft elke week een rubriek 'The Lighter Side' ,waarin grappige kanten van geesten en hun gedoe aan de orde komen. Dit verhaal is van19 september 2009.

Twee vingervlugge geesten in Minnesota hebben een voorkeur voor merk spijkerbroeken.

Betty Ann Morken vertelde een journalist dat twee geesten, John en Sam, spoken in haar 80 jaar oude boerderij, en liefhebbers zijn van de Levi 501 jeans van haar echtgenoot.
"We zijn al drie paar kwijtgeraakt", zegt Betty Ann, "en ik ben er zeker van dat ze door de geesten weggenomen zijn. Er is geen andere verklaring."
De familie betrok de boerderij in 1987, een huis dat al drie generaties in de familie is. Betty's echtgenoot Doug is het nu compleet aan het renoveren. Terwijl hij aan het werk is, is er geen geesten activiteit. Blijkbaar hebben de geesten geen bezwaar tegen de modernisering. Maar zodra Doug stopt begint het: gereedschap en andere kleine dingen verdwijnen opeens.
Toen kwam de verdwijning van de eerste spijkerbroek. Betty Ann kocht een nieuwe, die eveneens de benen nam.
Het huis werd doorzocht, maar dat leverde niets op. Dus kwam er een derde broek.
"Die heb ik echt heel goed in het oog gehouden", zegt Betty Ann. "Ik had hem gewassen en ik bracht hem naar boven naar de droger, samen met andere kleren, maar toen ik boven kwam was de spijkerbroek weg. Ik kon het niet geloven."
Die nacht had Betty Ann een droom waarin ze om de spijkerbroeken vocht met iemand aan de andere kant van een muur. Ze noemde de man John. Er was nog een ander bij die Betty 'Sam" noemde.
Die avond kwam Doug met de drie spijkerbroeken aanzetten.
"Waar heb je ze gevonden?"vroeg Betty, "ik heb het huis binnenstebuiten gekeerd."
Doug had ze bij hun bed gevonden, waar Betty Ann die nacht haar droom had gehad.
"Ik ben niet echt bang," zei ze, "maar ik wou dat ze hun handen thuishielden."
Ze denkt er nu over om een séance te organiseren en een medium in te huren om met de geesten te communiceren en te vragen of ze willen stoppen met hun kattekwaad.
Laten we hopen dat de deelnemers niet in Levi 501 jeans komen opdagen. Stel je voor dat de geesten hen zonder broek naar huis zouden sturen.

zondag 14 februari 2010

STANDBEELD VOOR EEN GEEST

Wat is er toch met vuurtorens en hun wachters?
Waarom willen ze of weg, of voor altijd blijven?
Ik weet niet hoe het met u is, maar wie omhoog kijkt naar een vuurtoren, er eentje beklimt of hem op een afstand in werking ziet, wordt geraakt door die monumenten van stabiliteit, die soms letterlijk een rots zijn in de branding.
Het is niet moeilijk om je voor te stellen wat zich in de woelige wateren en rondom de gevaarlijke rotsen in vroeger tijden allemaal heeft afgespeeld. Schipbreuk en redding, doodsnood en heldendom, krankzinnigheid, eenzaamheid en trouw: op, neer, op, neer, om het licht dat zoveel levens de haven moest wijzen te onderhouden.
Die lichten zijn op zich al prachtig: de schitterend geslepen Fresnel (spreek uit: freenèl) lenzen van soms enorme afmetingen, aan wier onderhoud de vuurtorenwachter een flinke klus had.
Vuurtorens en hun bewoners zijn bronnen van romantiek en spookverhalen, en over de hele wereld wordt hun roem gezongen, alsof het levende wezens zijn.
Helaas is veel van die romantiek verloren gegaan toen vuurtorenwachters werden vervangen door electrische bedrading, en de Fresnel lens menigmaal uit de toren werd gesloopt. De wachter had zichzelf overleefd.
Maar waarom zijn er dan toch zoveel mensen die getuigen van een licht in een toren die allang niet meer functioneert? Waar geen licht of lens meer inzit, en soms zelfs de ramen zijn geblindeerd? En waarom komen sommigen een schimmige figuur tegen als ze de toren beklimmen?

In het weekblad 'Psychic News' van 22 aug. 2009 staat iets bijzonders.
Talacre Lighthouse in Noord Wales ▲ is al meer dan een eeuw buiten gebruik. Maar de vuurtorenwachter weigert te vertrekken. De vuurtoren is in het bezit van een vrijetijdsclub, de Talacre Beach Leisure Group. Zij krijgen regelmatig meldingen van mensen die een man in een zwarte jas op de trans zien staan.
Onlangs werd hij nog gezien door een echtpaar, elk vanaf een andere kant van het strand.
Maar de vuurtoren is stevig afgesloten en sinds 1883 is er geen mens meer in geweest, behalve een groepje onderzoekers in 2006. Er zit een groot hangslot op de deur, en de toren is alleen bereikbaar met een bootje, of per helicopter.
De rapporten over de trouwe ziel van Talacre Lighthouse blijven binnenkomen.
De Leisure Group heeft nu een aanvraag ingediend voor een standbeeld van de man die ook in eeuwige omstandigheden de elementen blijft trotseren. Zij willen het beeld op de trans zetten. Voorlopig voor 5 jaar.
Goed voor het toerisme. Hoe de vuurtorenwachter zal reageren is een kwestie van afwachten.
Over wat goed is voor de toren en de schepen op zoek naar de haven heeft hij zeker zijn eigen gedachten.

zaterdag 13 februari 2010

MYSTIEK KIND

Julie Hill in: Arielle Ford 'More Hot Chocolate for the Mystical Soul'

Veel ouders merken op dat hun babies in de verte staren, alsof hun blik getrokken wordt naar iets wat de ouder niet kan zien.
"Waar kijkt hij/zij naar?" hoor je vaak vragen in de buurt van een baby.
Toen mijn derde kind Sutton was geboren, kwam ik er achter wat hij zag, maar ik niet. En meer dan dat.
Als baby was Sutton helemaal normaal, en hij pikte het familieleven moeiteloos op. Maar toen hij begon te praten werd dat anders. Sutton was geen gewone peuter. Hij volgde me door het huis en vertelde me wat de kleur van mijn 'licht' was. Hij vertelde me zelfs de betekenis van de kleuren, en wat ik kon doen als die kleuren niet zo uitgebalanceerd en vredig waren als hij dacht dat ik ze wilde hebben.

Mijn vader stierf toen Sutton 3 was. Toen werd het werkelijk interessant.
Sutton gaf boodschappen door van mijn overleden vader, dingen die hij nooit had kunnen weten en soms ook dingen die hij niet begreep omdat hij daar te jong voor was. Toen begon hij ook boodschappen door te geven van andere familieleden die er niet meer waren. Mijn vader was de enige die hij persoonlijk had gekend. Hoe kon hij weten dat mijn grootmoeder zoveel van het strand hield? En dat mijn moeder zo graag taarten met een knapperige korst maakte, en vond dat ik daar beter m'n best op moest doen? Hielden mensen in het hiernamaals zich echt met zulke dingen bezig?
De boodschappen - sommige aards, en andere absoluut geïnspireerd, gingen jaren door. Op een dag begon Sutton Duits tegen me te spreken, wat ik niet verstond. "Herinner je je niet, mammie", zei hij, "toen ik de dokter was en jij de zuster, en wij samen moesten zorgen voor de soldaten? Toen luisterde ik niet naar ze maar dat ga ik nu wel doen." Later legde hij uit dat Duitse soldaten hem 'toen' hadden verteld over hun transcendente eraringen rond hun dood, maar daar had hij toen, in het vorige leven, geen tijd en aandacht voor gehad.
Sutton vertelde me ook over een leven dat we samen hadden gehad en waarin hij mij oorbellen had gegeven, die hij precies wist te beschrijven. Over dat leven vertelde hij dat we een gearrangeerd huwelijk hadden, en dat mijn moeder in dit leven zijn moeder was in dat andere bestaan, en dat zij mij had gekozen om nu Suttons moeder te zijn. Dat verhaal vertelde hij waar de buurvrouw bij was, die, nou ja, de schok van haar leven kreeg.
Als hij me die verhalen vertelde was het niet het gepraat van een kleuter. Hij sprak alsof hij volwassen was, en zo ervoer hij het ook. Zijn hele manier van doen veranderde en werd volwassener, en zijn ogen hadden die peinzende uitdrukking alsof ze zagen wat ik niet zag...
Op een dag toen Sutton ongeveer 8 was, bracht ik hem naar school en vroeg ik hem waarom hij niet meer praatte over de 'lichten' rond mensen en planten. Hij antwoordde: "Mam, het is tijd voor mij om een aarde-mens te worden." Zijn toon was zo bewust, zo zeker.
Sindsdien heeft hij nooit meer iets paranormaals gezegd. Hij is nu negentien.
Het waren magische en mystieke jaren die we samen hadden. Ik mis nog steeds onze merkwaardige gesprekken over engelen en onze levens samen, over dode familieleden en God, waar kinderen vandaan komen en wie van zijn vrienden er ook zulke dingen meemaakte en astraal kon reizen.
Ik hoop dat ik er goed aan heb gedaan zijn spontane en natuurlijke zelf aan te moedigen.
Sutton studeert nu massacommunicatie. Dat lijkt me passend.