Posts tonen met het label Fortean Times. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Fortean Times. Alle posts tonen

maandag 9 augustus 2010

BOEMERANG

Soms kan ons wel eens het gevoel bekruipen dat we worden teruggepakt voor alles wat we Moeder Aarde en haar niet-menselijke bewoners aandoen.
Hoewel natuurrampen natuurlijk van alle tijden zijn, nemen ze wel toe. Waar dat precies aan ligt is anybody's guess.
Maar de snelle opeenvolging van veeziekten zou, heel misschien, te maken kunnen hebben met een soort collectieve wraak van de natuur, of liever van de on-natuur van opeengestapelde dieren.
Als onze collectieve gedachten en emoties met electronica te meten zijn in het Global Consciousness Project, dan kun je je afvragen of al die miljarden mishandelde dieren misschien meer dan CO2 uitstoten?
Iets dat leidt tot nare gevolgen, voor henzelf in de eerste plaats maar voor ons zeker ook?
Het is maar een idee.

Soms is die wraak anecdotisch en komt daardoor in de categorie 'lekker puh' terecht.
Afgeranselde paarden in de 'sport' van een Military en hun berijder de nek laten breken, jagers die zichzelf inplaats van een hert doodschieten, vissen die de bom van de visser onder zijn eigen boot laten ontploffen.
Komt voor.
Er zijn ook gevallen van heel persoonlijke wraak. Zoals een Chinese muis waarvan het nest was vergiftigd.
's Nachts kwam moeder muis terug om de dader te pesten door hem herhaalde malen te bijten, zodat de man zich in het ziekenhuis moest laten behandelen.

Een illustratief stukje vond ik in Fortean Times van 1994, dat ik hier vertaal:

Na een eeuw van castratie, scheren, opsluiten en slachten nemen de schapen van New Zeeland wraak - geen kattepis als je bedenkt dat er 20x zoveel schapen zijn als mensen op die eilanden.
Een studie van het Instituut voor Menselijke Veiligheid en Ongevallenonderzoek laat zien dat er een duidelijke toename is in het aanvallen van mensen door schapen, waarbij blessures in de knieholte het meest voorkomen.
Een derde van de schapenboeren die door schapen worden verwond, houdt daar een permanente blessure aan over.
Enkele voorbeelden: een man die van plan was vuile wol van een schaap te knippen werd aangevallen en in z'n onderrug geschopt. Er waren 4 operaties nodig om hem op te lappen.
Een ander schaap sprong omhoog toen een boer aan haar lammeren wilde komen, en nokte hem 7 tanden uit de mond.

Dat schapen weerbaarder worden blijkt ook uit een berichtje uit County Armagh, Noord Ierland, waar een schaap een vos doodtrapte die inbrak in de schapenstal.
Straks moet de christelijke theologie zich nog op de symboliek van het Heilige Lam gaan bezinnen....

donderdag 25 maart 2010

SMS VAN BOVEN

Het is een bekend feit dat (sommige) overledenen gebruik maken van electronica. Zo nu en dan pakken ze zelfs de telefoon.
Dat gebeurt echt, en is goed onderzocht. Journalist en parapsycholoog Scott Rogo schreef er zelfs een boek over: 'Phonecalls from the Dead'
Dat de doden met hun tijd meegaan blijkt uit het volgende berichtje uit Fortean Times Magazine:
Frank Jones, een man in Engeland, had zijn vrouw bij haar overlijden haar GSM meegegeven in de kist.
Na de begrafenis ontving hij verschillende SMSjes van haar.

Wat de inhoud van die berichten was staat niet beschreven.


Dat is nou weer jammer.

dinsdag 16 maart 2010

WANDELENDE BOMEN

Sommige verhalen lijken te fantastisch om waar te zijn. Maar na vele jaren Fortean interesses is er niet veel meer dat ik potentieel afwijs, omdat het altijd nog gekker kan. Het volgende verhaal vertaalde ik uit mijn lijfblad Fortean Times, en het is een artikel van de engelse bioloog/boomdeskundige Alan Mitchell.
Ik geloof hem. Absoluut.
Lees, en verbaas je.

Bomen hebben een heel eigen magie. En dan bedoel ik niet de folklore en heksenverhalen die aan sommige soorten kleven.
Nee, ik heb het hier over het vermogen van bomen om plotseling te verschijnen, zich te verplaatsen, te verdwijnen en weer op te duiken.
Het is mogelijk te geloven, zoals mijn collega's deden dat de enorme spar, een van de hoogste bomen van Engeland, niet de weg was overgestoken en dat ik hem deze keer alleen maar vanaf de andere kant was genaderd zonder dat in de gaten te hebben.
Het is mogelijk dat mijn collega's en ik, op zoek naar grote bomen, twee reusachtige coniferen in Inveraray hebben gemist.
Maar bij de volgende gelegenheid wenkten ze van verre, en heb ik die spar en zijn buurman gemeten. Een paar jaar later waren ze weer verdwenen. Ik verwacht dat ze er de volgende keer weer staan.

Bij een voordracht in de buurt liet ik een dia zien van een treurberk, die over het hek groeide van een bekend huis in het district. Iemand onder de toehoorders merkte op hoe treurig het was dat die boom was omgewaaid bij een recente storm.
Bij volgende lezingen vermeldde ik dat de dia van die boom een 'in memoriam' was voor de berk die niet meer bestond. Niemand protesteerde. Toen kwam ik zelf een keer langs die locatie, en daar was de treurberk, prominent als altijd. Tijdens zijn afwezigheid was hij goed gegroeid.
Nog zoiets. Op weg naar een plek waar ik vaak moest wezen passeerde ik een prachtige Zweedse vlierbes.
Maar op een dag was hij er tot mijn verdriet niet meer. Dat liet ik vallen in het arboretum waar ik werk. Die wisten ervan. De boom stond te dicht bij het huis en was weggehaald.
Misschien. Maar de boom was het daar niet mee eens. De volgende keer dat ik er langs moest stond hij er weer.

Dan zijn er de bomen die er nooit geweest zijn. De eerste larixen in Schotland werden volgens een bericht uit 1813 in 1680 ingevoerd en in een kas geplaatst. Maar al gauw waren ze op sterven na dood, en men gooide ze weg met het andere afval in een dal in de buurt. Daar schoten ze wortel en groeiden. In 1813 waren het al respectabele bomen.
In 1954 zocht en vond ik de drie heel oude larixen in het dal vlak bij een huis, die ik alle drie opmat. Ik was blij de bekende veteranen gevonden te hebben. In 1970 keerde ik terug om ze te fotograferen en opnieuw te meten.
Maar nu waren er nog maar twee. Ik klopte aan bij het huis en vroeg wat er met de derde boom gebeurd was. "Welke derde boom" zei de bewoonster. "Ik woon hier al m'n hele leven, en er zijn er altijd maar twee geweest".
Maar ik heb de maten van de drie bomen in m'n dagboek.

Een van de grootste iepen van Engeland werd in 1904 gemeten bij een huis in Hereford. Ik was blij toen ik hem vond, nu twee keer zo groot, in 1962. In 1973 was ik hem kwijt. In de rozentuin waarin hij stond was geen spoor van een omgehakte boom te vinden. Ik vroeg het aan de tuinman. Die had nooit van de boom gehoord. "Zeker voor uw tijd", zei ik. "Hij was er nog in 1962." "Ik ook", zei de tuinman. "Al 20 jaar."
Het was de grootste boom in de omtrek. Vorig jaar ging ik weer kijken, maar de boom is nog niet teruggekeerd.

Zo was er die magnolia op een landgoed dat bekend stond om z'n mooie bomen. Iemand die daar dagelijks kwam vertelde me dat hij was weggehaald, en we deelden onze treurnis. Het was werkelijk een magnifieke boom geweest. De volgende keer dat ik die plek bezocht stond de boom er weer, en hij is blijven staan tot hij in 1987 aan de storm ten prooi viel.

Van de Crom Castle taxisboom bestaan beschrijvingen die 150 jaar oud zijn, over hoe zijn takken ondersteund moesten worden en er onder het groen 200 gasten hun thee konden drinken. Er zijn gravures van die boom en zelfs een vroege foto.
Maar toen ik er die dag kwam, waren er twee Crom taxissen. Maar tien meter uit elkaar, zelfde leeftijd, zelfde vorm. Hoe kan een graveerder of een fotograaf de ene boom vastleggen terwijl hij de tweelingbroer over het hoofd ziet?
De tweede boom moet plotseling aangekomen zijn, al helemaal klaar en in vorm.

De redactie van Fortean Times meldt dat terwijl ze met dit artikel bezig waren, er een bericht binnenkwam over enorme Californische sequoia's die in Sheffield staan. Hoewel de bomen zeker 100 jaar oud zijn en 50 meter hoog, zijn ze nooit eerder door botanisten ontdekt.....

maandag 15 maart 2010

PELIKANENREGEN

Iedere Fortean kent en bepeinst de regens van vissen, kikkers en salamanders die zo onverwachts uit de lucht komen aanzetten en landen in iemands achtertuin, om van hete stenen en hagelstenen met vreemde inscripties nog maar niet te reppen.
De Fortean literatuur staat er bol van en Charles Fort heeft zich er danig vrolijk over gemaakt.
De leunstoelwetenschappers hebben steeds weer wijs geroepen dat het wervelwinden of tornado's zijn die we voor het gerecht moeten slepen.
Maar het ontvreemden van een specifiek gedierte uit z'n natuurlijk habitat door een tornado is voor iedereen, behalve voor die wetenschappers, een bedenkelijk gebeuren. Want waar zijn dan de andere beestjes, de modder, de rotzooi, de planten gebleven. Een tornado kan behoorlijk selectief zijn in wat hij omblaast of niet, maar alleen de kabeljauwen of de stekelbaarsjes, en niet de dikkopjes en de waterplantjes, dat lijkt op het soort theorie waar niemand wijzer van wordt, omdat hij nergens antwoord op geeft.
Maar zo gaat dat, en Fort zou nooit een punt gehad hebben ware het anders geweest, en dat zou ons een hoop hebben ontnomen.
Maar nu, in Fortean Times, 1ste Jaargang, 1976, valt mijn oog op een regen van pelikanen.
Da's weer eens iets anders. Pelikanen laten zich niet zo makkelijk door wervelwinden overvallen, stel ik me voor.
Die zien de bui wel hangen.
Maar in dit geval, op 13 april 1974, kwamen er boven Texas een stuk of 90 uit de lucht vallen in lake Waco, en korte tijd later nog weer 33. Dat moet een ernstige aanslag op de pelikanenstand zijn geweest.
Volgens getuigen vlogen ze buitengewoon hoog. Enkelen hadden een gebroken vleugel, de rest viel gewoon omlaag als de spreekwoordelijke baksteen. Heel ongebruikelijk voor pelikanen die het vliegen goed beheersen.
Er waren winden, ja, en ook stormen in de buurt. En natuurlijk was dus de verklaring...je begrijpt het al.
Maar net zo als bij de vissen en stenen en schildpadden en kikkers vragen wij ons af.....