woensdag 14 april 2010

TROEBEL ZICHT

Hieronder een historisch verhaal over massahysterie, met ongelofelijke en dodelijke gevolgen. Of: Hoe een visioen uit de hand kan lopen....
Dat helderziendheid niet altijd een geluk is voor de betreffende helderziende, maar ook voor zijn omgeving, is bekend.
Dat het helemaal mis gaat is gelukkig een zeldzaamheid. Met Jeanne D'Arc is het slecht afgelopen, maar ze is nog steeds een heldin, en het prototype van iemand die haar ster standvastig volgde. Vermoedelijk kwamen zulke 'inspiraties' als van Jeanne veel vaker voor, maar natuurlijk hebben maar enkelen de moed om hun leven voor die inspiratie te riskeren, of zelfs de bron van hun inspiratie te benoemen.
Die enkelen schrijven geschiedenis.

De helden van het volgende maar al te waargebeurde verhaal zijn weliswaar in vergetelheid geraakt, maar de gebeurtenis is dat niet, en die verdient het om van tijd tot tijd te worden opgerakeld.
Wat was nu het geval?
In mei 1856, toen Zuid- Afrika nog onder de plak van de Engelsen zat, was Nongkause, een meisje van de Kosa-stam, op weg om water te halen uit een rivier bij haar nederige woning. Daar ontmoette ze enkele mannen, die er anders uitzagen dan gewone mensen.
Haar oom Umhlakaza ging met haar mee om de mannen te zien, en die droegen hem op ceremonies te vervullen en een os te offeren aan de geesten van de doden. Dat was heel wat, want de Kosa's waren zuinig op hun vee.
Na vier dagen waren de mannen, zoals afgesproken, opnieuw bij de rivier, en ditmaal herkende oom Umhlakaza zijn overleden broer. De mannen vertelden dat zij uit het dodenrijk gekomen waren om de Kosa's te helpen de Engelsen uit hun land te verjagen. Dat was goed nieuws. Maar ze moesten er wel wat voor doen: al hun vette vee doden en opeten, om te bewijzen dat ze de hulp graag aanvaardden.
Hier had oom kunnen en moeten zeggen: bekijk het maar. Maar hij bracht de boodschap over naar Kreli, het stamhoofd, en ook die gebruikte niet zijn gezonde verstand, maar gaf opdracht de 'geesten' te gehoorzamen.
Boodschappen gingen uit naar andere Zoeloestammen, en ook daar was men merkwaardig volgzaam. Het slachten begon vrijwel onmiddelijk in heel Zoeloeland. De Engelsen protesteerden, maar dat wakkerde de slachtdrift alleen maar aan. Men verwachtte binnenkort geen Engelsen meer in het land te hebben, dus wat hadden die nog te vertellen?
Blijkbaar kwam het in niemand op dat het slachten van je middel van bestaan niet in direct verband staat met het uitdrijven van een gehate mogendheid.
Hoe dan ook, de dode koeien stapelden zich op, want de geesten vonden het nooit genoeg. Maandenlang ging de verdwazing, die steeds verder om zich heen greep, door, en ook het enige opperhoofd met een nuchtere kijk en gezonde aarzeling ging tenslotte voor de bijl.

Intussen had Umhlakaza het bevel gekregen dat geen enkel stuks vee in leven mocht blijven., en daarnaast moest al het graan vernietigd worden. Niets mocht er overblijven, maar wat een heerlijke toekomst wachtte de stammen, en welk een beloning zouden ze voor hun gehoorzaamheid ontvangen! Niet alleen de Engelsen weg, maar ook geen ziekte en ouderdom meer, en alle doden zouden herrijzen. Maar een hemel vraagt om een hel, en de straf voor de onwelwilligen zou verschrikkelijk zijn!
Zo sprak de profeet Umhlakaza, en niemand sprak hem tegen.
Enkelen hadden waarschijnlijk een politiekere kijk op de stand van zake, en hoopten dat de uitgehongerde menigte zich op de Engelsen zou storten.
Begin 1957 was de bevolking druk in de weer met het bouwen van kraals om het vee te bergen, dat weldra uit de hemel zou neerdalen. Intussen werden anderen krankzinnig en de helft van de stammen was bezig uit te sterven, terwijl de andere helft nog doende was alles wat eetbaar was te vernietigen. De Engelsen intussen deden wat ze konden om voorraden aan te leggen om een gedeelte van de Zoeloe's te redden.
Toen brak de dag van de voorspelling aan, de dag waarop de nog levende Zoeloes al hun hoop hadden gevestigd.
Maar de dag ging voorbij zonder enige bovennatuurlijke inmenging, maar met honger en wanhoop.
Wat hadden ze gedaan? Waren de visioenen van Umhlakaza bedrog geweest?
Het grote sterven liet niet lang op zich wachten.

Families gingen zitten en verroerden zich niet meer. Anderen betwistten elkaar het beetje groen dat nog over was.
Ziekte en uitputting deden de rest.
Velen verlieten huis en haard en trokken uitgemergeld de engelse gebieden binnen, waar de voorraden nog enkele duizenden mensen het leven kon redden. Maar de macht van de Zoeloes was gebroken, en naar schatting waren in Brits Zoeloeland 67.000 mensen omgekomen op een bevolking van 105.000. In de gebieden die buiten het Britse territorium vielen was het aantal doden nog veel groter.
De helderziendheid van het meisje Nongkause en haar oom Umhlakaza had een massahysterie veroorzaakt waardoor ook anderen dachten te zien wat zij dachten te zien. Haat tegen de Engelsen deed de rest, met een fatale afloop voor een groot en ooit machtig volk.
Met helderziendheid kan men alle kanten op.

Geen opmerkingen: