vrijdag 14 mei 2010

DIVALDO

Gisteravond naar een lezing van Divaldo Franco geweest in Amsterdam. Divaldo is een 83 jarig Braziliaans medium dat in eigen land beroemd is. Meer dan 200 boeken heeft hij op zijn naam staan, 'gepsychografeerd', zoals dat in het Spiritisme heet. Wij zouden tegenwoordig zeggen: 'gechanneld' , of zoals het vroeger heette: geschreven met automatisch schrift.
Alle inkomsten van Divaldo's arbeid gaan naar zijn educatief centrum voor kansloze jongeren, 'Mansao do Caminho', waar duizenden kinderen opgroeien en een toekomst krijgen. Het Braziliaanse Kardec Spiritisme is onlosmakelijk verbonden met daden van menslievendheid, vanuit een praktische visie op het Christendom.
Een flink deel van de gezondheidscentra in Brazilië wordt dan ook gedreven door Spiritisten, en mediums, genezers en kunstenaars stellen hun werk in dienst van de zwakkeren in de maatschappij.
Divaldo is een onvermoeibaar brenger van de Spiritistische boodschap. Zijn kaarsrechte houding, pikzwarte haar en expressieve wijze van vertellen geven hem een veel jonger voorkomen dan zijn 83 jaar. Ondanks zijn leeftijd reist Divaldo de wereld door om lezingen te geven over Spiritistische, of liever menselijke en ethische onderwerpen. Dat doet hij met veel humor; Divaldo is een ervaren en geestig spreker.
De zaal was vol, voornamelijk met Brazilianen maar een goede tolk maakte de lezing ook voor het handjevol Nederlanders toegankelijk. De lachsalvo's kwamen in twee etappes: eerst de Brazilianen, daar achteraan een zwakke echo van de Nederlanders die het van de vertaling moesten hebben.
Het thema was 'Persoonlijke overwinning'.
Ter illustratie van zijn betoog vertelde Divaldo een voorval uit zijn eigen ervaring.
In Brazilië spreekt hij soms in de open lucht duizenden mensen toe.
Bij een van die gelegenheden stond er een jongeman van het type klerenkast vlak vooraan, de armen over elkaar en de agressie voelbaar. Divaldo wist dat de man een geweldadige drugsdealer was met veel macht; iemand om bang voor te zijn. Het medium sprak over mensen die alleen moedig zijn als ze zich gesteund weten door vazallen, maar in werkelijkheid lafaards zijn, kinderen die emotioneel nooit volwassen zijn geworden.
De drugsdealer voelde zich aangesproken en kwam na afloop dreigend naar Divaldo: "Had je't over mij?"
Divaldo, nergens bang voor en mediamiek begaafd, vertelde de man wat er met hem persoonlijk aan de hand was: je hebt je vader nooit gekend, je moeder heeft je mishandeld en de deur uitgeschopt, en vrienden heb je nooit gehad. Ik wil je vriend zijn. Je moet ophouden wraak te nemen op de wereld door anderen aan drugs te helpen en hun leven te verwoesten.
De man was sprakeloos. Een week later was hij terug.
"Wat moet ik doen? " vroeg hij. "Uit je leven stappen, alles achterlaten en gewoon gaan werken", zei Divaldo. "Voor een minimum loon, want je kunt niks. Maar je zult wel vrienden hebben."
De man nam de stap, liet al z'n drugspanden en z'n vroegere leven achter zich, werd leerling metselaar in het centrum van Divaldo, werd na verloop van tijd een goede vakman, en is nu lijfwacht voor Divaldo als die op pad gaat in gewelddadige buurten in de steden van Brazilië.

donderdag 13 mei 2010

SNELHEIDSCONTROLE

De meesten van ons houden onder het rijden de flitspalen in de gaten, of vertrouwen op de waarschuwingen van hun TomTom. Bekeuringen zijn weggegooid geld, tenslotte.
Hoe dan ook, het is verstandig om te weten hoe hard je gaat en het niet te bont te maken.
Helaas moeten we daar in de regel zelf op letten, in tegenstelling tot Charlie McKinney, een man uit Indiana, die in 1950 een tweedehands Buick kocht, bouwjaar 1938.

Daarbij kreeg hij een klopgeest meegeleverd.
Hij schrijft in FATE (1999) : "Als ik haast had om thuis te komen en ik reed harder dan 100 km, dan werd er drie keer van achteraf op m'n rug gebonkt. Als ik dan langzamer ging rijden hield het op. Maar zette ik er weer vaart in, dan voelde ik het weer. Het was een vervelend gevoel, dus ik hield me zoveel mogelijk aan de snelheidsgrens.
De eerste keer dat het gebeurde heb ik stoel uit de auto gehaald om een natuurlijke oorzaak te vinden voor het klop-effect, maar ik vond helemaal niets ongewoons.
Toen het vaker gebeurde en steeds op dezelfde manier, raakte ik ervan overtuigd dat het een geest was die me wilde waarschuwen. Misschien iemand die zelf in die Buick een ongeluk had gehad bij te hoge snelheid.
Het geklop gebeurde als ik alleen was maar ook als er anderen in de auto zaten.
Bij de auto's die ik daarna bezat is het nooit meer voorgekomen."

woensdag 12 mei 2010

EEN HEMELSE VLUCHT

Misschien herinneren de oudjes onder ons zich nog de communistische tevredenheid toen Yuri Gagarin in zijn ommetje in de Sputnik geen hemel had aangetroffen. Zie je wel, allemaal flauwekul. De techniek had het weer eens bewezen.
Maar wat dan te denken van dit uitzonderlijke verhaal uit betrouwbare bron (Martin Caidin in 'Natural or Supernatural' ), een verhaal dat de populaire boeken nooit heeft gehaald.
Maar of het hier wérkelijk om de hemel gaat ?
Je moet wel een groot geloof hebben om dat te denken. Persoonlijk denk ik dat de astronauten in het verhaal entiteiten hebben gezien die hun uiterlijk aan de gewenste 'werkelijkheid' kunnen aanpassen.
Op zich al wonder genoeg.
Maar oordeel zelf.

In juni 1985 hoorden de met stomheid geslagen vluchtleiders in het controlecentrum voor ruimtestation Salyut 7 de stemmen van de astronauten een bericht stamelen van wat hen op die 155ste dag van hun missie overkwam.
"We worden omgeven door een verblindend oranje licht", meldde commander Atkov. Zo letterlijk verblindend was het licht dat de astronauten dachten dat er een explosie was geweest. Maar niets van dat alles .
Toen ze weer uit hun ogen konden kijken en door de patrijspoorten van de Salyut 7 hadden ze het volgende aan Ground Control te melden:

"We zien gezichten. Buiten het schip...zien we zeven gezichten...Ze...het zijn er zeven, enorm, grote menselijke gestalten met vleugels. Ze zien er uit als...wat wij op aarde noemen...engelen."
De zeven 'engelen' hielden de Salyut 7 bij terwijl ze de aarde omcirkelde met een snelheid van bijna 8 km per seconde. En toen, abrupt, waren ze weg.

Toen de wilde ervaring en de schrik wat waren weggeëbt overtuigden de kosmonauten zichzelf en elkaar dat het een groepshallucinatie was geweest.
12 dagen later, op de 167ste dag van de missie, werden de drie mannen aangevuld met twee mannen en een vrouw. En weer was er die verblindende oranje gloed die alles in brand leek te zetten. En weer aanhoorde Ground Control verbijsterd wat er vanaf de Salyut 7 werd gemeld: "We zagen zeven engelen....glimlachend. Ze glimlachten alsof ze een glorieus geheim met ons delen.

Iedere engel was reusachtig, net als de eerste keer. Ze bleven een paar minuten bij ons, en toen...waren ze weg.
We zien ze nu niet meer. "

Natuurlijk werden deze conversaties strikt geheimgehouden. Iedere verdere evaluatie van het voorval werd verboden en vragen werden niet beantwoord. Het geval werd bekend toen een top ingenieur van het Russische ruimteprogramma zich in Amerika vestigde en contact zocht met een journalist, wiens onderzoek op een muur van zwijgen stukliep
Wat die astronauten met hun ervaring hebben gedaan en hoe ze die hebben ingepast in hun aardse leven, is iets wat we wel zouden willen weten. Helaas....

DE OUDE YOGI HEILIGE

Een fragment vertaald uit: Ainslie Meares,'Strange Places Simple Truths'

Het was niet ver van Katmandu aan de voet van de Himalayas.
Ik was op zoek naar yogi's die me iets konden leren waar ik in m'n psychiatrische praktijk gebruik van kon maken.
Een gids zei dat hij had gehoord over een oude man die niet ver daar vandaan woonde.
Verdere informatie kon hij me niet geven.
Ik had al heel wat yogi's ontmoet, maar deze man was volstrekt anders. Wat onmiddellijk opviel was zijn innerlijke rust. Hij zat op een open plek in het bos, en het leek of hij omgeven was door een aura van sereniteit, die op mij over leek te gaan zodra ik in zijn nabijheid was. Een gevoel van natuurlijke vanzelfsprekendheid, en van eenheid met de omgeving.
De yogi zag eruit als een oude man. Ik gaf hem een jaar of 75. Later hoorde ik dat hij 134 jaar was, en dat zijn leeftijd officieel was onderzocht. In tegenstelling tot de meeste yogi's sprak hij perfect Engels.
Iedere dag mediteerde hij 16 uur lang en hij sliep 2 uur, vertelde hij mij. Ik was welkom om in de overige 6 uur bij hem te komen zitten op zijn plek in het bos.
Ik vroeg hem of hij zich ooit gespannen of angstig voelde.
'Nee, nooit', zei hij.
Een mens die zich nooit gespannen voelt! Dat kon ik me als psychiater nauwelijks voorstellen.
Spanning en angst zijn levensgrote problemen in de westerse psychiatrie. Kon ik zijn geheim ontdekken en het thuis gebruiken? Tenminste een paar handvaten vinden die konden helpen?
Dat vroeg ik hem. Maar hij sprak een andere taal, en het was zó moeilijk die te begrijpen.
Hij sprak over onthechting. Dat we vrij moeten zijn van bindingen aan materieel bezit, huis, familie, zelfs geliefden!
Alle vreugde brengt verdriet voort. Dat is het onafwendbare lot van een mens.
Ik keek naar hem en mijn gevoel ging naar hem uit om te ontdekken wat er in hem omging.
Hij was niet treurig, daar was ik zeker van. Noch was hij vrolijk. Hij was sereen. Zo diep sereen!
En ik bedacht me dat er misschien in die innerlijke vrede grote vreugde schuilt, onontkoombaar verweven met grote treurnis en een groot begrijpen.
Terwijl hij sprak leek het alsof er op een ander niveau een uitwisseling van betekenis plaatsvond, dieper dan de betekenis van de woorden die hij sprak.
Iets dat alleen ervaren kan worden. En als het ervaren wordt, dan weet je dat het waarachtig zo is.

De foto is van de schrijver van het boek, psychiater Ainslie Meares.

dinsdag 11 mei 2010

PROEFJE

Masaru Emoto, de Japanner die beroemd is geworden door zijn proeven met waterkristallen, beschrijft in een van zijn boeken een proefje dat voor iedereen een fluitje van een cent is om te proberen. Het gaat als volgt:

Neem twee jampotten en vul die allebei met een bodempje rijst, en verder water. Plak er een etiket op, het een met: 'ik haat je', of iets van die strekking, het ander met 'ik hou van je' . Doe de deksel op de pot.
Na verloop van tijd zou dan de pot met de aangename tekst heerlijk gaan ruiken, en de emotioneel verwaarloosde pot zou gaan rotten.
Ik durf niet te zeggen of het werkt met alleen het etiket.
Zelf heb ik het geprobeerd door behalve een etiket er ook nog mijn persoonlijke emoties aan toe te voegen. Iedere avond heb ik met een pot in m'n hand staan roepen dat ik die rijst prachtig, lief, en heerlijk vond, terwijl de andere voor lelijk, waardeloos en smerig werd uitgemaakt.

Ik moet zeggen dat ik mij behoorlijk belachelijk voelde, schreeuwend tegen onschuldige rijstkorrels. Hoe haat men rijst?
Misschien was het daarom dat de proef niet werkte. Geloof in wat je doet is het belangrijkste, anders kun je't schudden.
Na enkele weken waren beide potten dan ook niet meer om aan te zien, laat staan te ruiken.
Probeer het ook eens, en laat het resultaat, en vooral ook de ervaring weten !

PABLO

We herinneren ons vast allemaal die indrukwekkende film "The Sixth Sense" uit 1999, waarin een klein jongetje (Haley Joel Oswald) zegt "I See Dead People" . Ik zie dode mensen.
Een zin die een eigen leven is gaan leiden en het jongetje op ons netvlies brandde. Een film waarin het fenomeen helderziendheid geen ogenblik ter discussie staat: het jongetje ziet wat hij zegt te zien.
Hoewel de film populair was en genomineerd werd voor een Oscar, is in het werkelijke leven een kind met zulke gaven helaas vaak overgeleverd aan ouders en vooral 'hulpverleners' die het kind de vreemdste syndromen aanpraten en niets beters weten dan het met pillen vol te stoppen.

Een pijnlijk voorbeeld vond ik op internet.
Het jongetje Pablo Cordova uit Arizona, nu 13 jaar, was jarenlang het slachtoffer van incompetente hulpverleners.
Gebrandmerkt als 'gek' in alle mogelijke medische termen was hij dicht genaderd aan de grens van wat een kind kan verdragen. Maar laten we hem zelf aan het woord laten:

"Ik had mijn eerste contact met een geest toen ik een jaar of 4 was. Die geest stond er gewoon, en verdween toen weer. Hij zag eruit als een man, alleen een beetje vaag, en ik was niet bang, omdat ik nog te klein was. De volgende keer was twee jaar later. Toen zag ik een klein meisje, met een diadeem in haar haar. Ze stond twee dagen lang op dezelfde plek. Toen was ze weg. Korte tijd later begon ik stemmen te horen, en ik zag schaduwen waar de stemmen vandaan kwamen.
Nog wat later begon ik geesten te zien die overal rondliepen. Ze zagen er verloren en eenzaam uit. Mannen, vrouwen en kinderen, en soms zelfs honden. Het leek of ze uit verschillende tijden en plaatsen kwamen. Ik wist niet wat er gebeurde, en het maakte me bang.
Mijn moeder ging met me naar een hoop dokters die me testten en niet konden uitvogelen wat er mis was. Ik dacht dat ik gek werd. Anderen dachten dat blijkbaar ook, want ik kreeg medicijnen en counseling en ik kwam in het ziekenhuis terecht.
Geen van de medicijnen bleek te helpen, maar sommigen ervan maakten me wel ziek. Ik kreeg een aandrang om m'n ledematen te strekken, en dat is nog steeds niet over. Niemand vertelde me dat dat kon gebeuren, als bijwerking van de medicijnen.
Dit jaar kwam ik eindelijk terecht bij Shannon, die begreep wat er aan de hand was. Haar kon ik vertellen wat ik tegen niemand anders had gezegd. Als je een psycholoog vertelt dat je geesten ziet, denken ze alleen dat je gek bent en geven ze je nog meer medicijnen. Shannon veroordeelde me niet en ze dacht niet dat ik zat te liegen. Ze geloofde me, en leerde me hoe ik met de geesten kon praten zodat ik ze beter zou begrijpen.
Vlak voor ik een keer naar haar toe ging zag ik de geest van een kleine jongen met een litteken op z'n gezicht. Hij was de eerste die tegen me sprak. Shannon liet me zien dat ik ook terug kon praten. Sindsdien kan ik communiceren met geesten, en de kleine jongen heeft me veel geleerd over verschillende dimensies en soorten energie.
Hij leerde me ook dat iemand energie kan gebruiken om een ander te genezen. Ik heb dat geprobeerd, en nu lukt dat nog niet, maar ik hoop dat ik dat kan als ik wat ouder ben.
Shannon heeft me leren mediteren, en ik heb gemerkt dat als ik me concentreer op een geest die ik wil zien, die ook echt naar me toe komt.
Ik zie nu overal geesten, in m'n dromen maar ook op school, op straat en in het huis van m'n grootmoeder.
Als ik wil kan ik met ze praten. Soms zijn ze verbaasd dat ik ze kan zien.
Nu ik weet wat er aan de hand is heb ik een betere relatie met m'n moeder. Ik weet nu dat ik haar kan vertrouwen. Zij begon ook te mediteren en ze kon een keer met een engel praten.
Ik wil mijn talenten gebruiken om andere mensen te helpen en te maken dat ze kinderen zoals ik beter begrijpen."

Moeder Crystal maakte een site over Pablo en zijn bijzondere gaven. www.CrystalCordova.com

Ze schrijft:

"Kinderen over de hele wereld gaan door dezelfde dingen heen als onze familie heeft ervaren met Pablo. Ik weet dat er andere families zijn die een kind hebben dat met een diagnose van verschillende ziektes of gedragsproblemen. Ouders zoeken naar antwoorden.
Alle kinderen zijn begaafd op een bepaalde manier, en alle kinderen zijn verschillend. Dat is wat ze uniek en speciaal maakt. Ik heb toegekeken toen mijn zoons mooie en liefdevolle persoonlijkheid platgewalst werd door het schoolsysteem en de gezondheidszorg in ons land. De maatschappij verwacht dat kinderen zich conformeren. Veel kinderen doen dat niet, niet omdat ze niet willen maar omdat ze niet kunnen. Het is niet wie ze zijn. Het is tijd voor verandering, en ouders moeten de drijvende kracht achter die verandering zijn. Onze kinderen moeten een stem krijgen, en wij moeten beter luisteren, en accepteren dat we het niet altijd bij het juiste eind hebben.
Open je hart, je geest en je ziel. Alleen dan zul je de schoonheid en de magie van je kind ontdekken! "

zondag 9 mei 2010

DUBBEL

Deze week niet geschreven: we waren in Lourdes.
Een bijzonder oord, dat weet ik nu uit de eerste hand.
De zeeën van paraplus en de capuchons en regencapes zaten voor de meesten de beleving niet in de weg.
Je gaat tenslotte ook vanwege de baden en het water. Deze keer kwam het regelrecht uit de hemel.
Genezingen heb ik niet gezien. Wel oprechte vroomheid en diepe devotie.
Dat vind ik prachtig, ook al deel ik het niet.
Overal weesgegroetjes en onzevadertjes, in alle mogelijke talen, zelfs in de voor onze oren schwang schwong schwing klanken van het Koreaans of daaromtrent.
20.000 mensen die de ondergrondse kerk in luttele minuten vullen, dankzij de honderden vrijwilligers die de handgrepen van de rolstoelen uit iemands vingers rukken: invaliden opstellen in rijen van honderd. Orde moet er wezen. Wil je toevallig bij je partner blijven dan moet je zo agressief zijn als ik, en zo vastbesloten.
Maar dan heb je ook wat. Een mis met 100 heren. Vroeger was eentje met 3 al bijzonder. Een zee van rood gekazuifelde figuren. Duizenden mensen in de processie; het late licht over de Ave, Ave, Ave Maria omhooggestoken lichtjes. Diensten bij de grot waar ze in 1858 verscheen aan dat ongeletterde meidje Bernadette Soubirous, die nu als een heilige wordt vereerd. Dáár is ze geboren. Dáár heeft ze gelopen, dáár heeft ze gewoond. Dáár heeft ze een kruisje geslagen.
Daar gaan ze weer, de rijen riksha's met oudere en jongere gehandicapten, voortgetrokken door zwart rood witte vrijwilligers, veelal van de Orde van Malta. Tegen de heuvels opgetrokken, in slagorde opgesteld. Individualiteit komt er niet aan te pas, je bent gehandicapt of je bent het niet. Twee groepen door noodzaak aan elkaar gebonden met de lijm van geduld en Christelijke naastenliefde.


Maria, nu in gips zo'n 10 meter boven de menigte, zwijgt. Wat Bernadette werkelijk heeft gezien zullen we nooit weten.
De grot druipt van het water, water dat door de eerbiedige pelgrims met de rozenkrans wordt opgedept en aan de lippen wordt gebracht.
Anderen tappen het in grote hoeveelheden aan een van de tientallen kraantjes. Sommigen nemen jerricans vol mee naar huis, ze komen langs op de kofferband van het vliegveld; Baat het niet, schaden doet het zeker niet.
Zo ook met de kaarsen: duizenden worden er gebrand, en sommigen gaan snel uit vanwege de tocht in de metalen kaarsenverblijven.

Met de kaarsen stijgen de gebeden. Het leed wordt even verlicht door de hoop.
Maar sterker dan de werkzaamheid van water of kaarsen of gebed is de magie van de plek die voor velen zo werkelijk is dat ze ieder jaar terugstrompelen en de ongemakken van de reis verdragen. Het vertrouwde weerzien. Begroeten van Maria. Afscheid nemen van Maria, als het na een week weer voorbij is. Tot volgend jaar!
De aantrekkingskracht van de plek en de liefde voor de blauw-witte maagd zal hen als God wil het volgend jaar opnieuw leiden naar wat voor velen het brandpunt van dit aardse leven is: Lourdes.

Ik heb me als geboren protestant gevoeld als 'anthropoloog op Mars' , om met Temple Grandin te spreken.
Wat je als kind hebt meegekregen laat zich niet als een oude jas vervangen. Voor mij geen kruisteken en geen Ave Maria. Dat wil gewoon niet.

Ik kom niet los van de bijbelse Maria, het gewone joodse meisje in een simpel kleedje, de evangelische discipelen vissend in het meer van Galilea. Jezus in een eenvoudig gewaad zonder stralenkrans maar met een semitisch uiterlijk. Nergens blauwe ogen te bekennen.
De religieuze vieringen van Lourdes zijn een dubbel symbool: exoterisch kerkelijk machtsvertoon en esoterische volksdevotie hand in hand. De prelaat buigt zich over de zieke. De rondbuikige priester kietelt met zijn scapulier de schedel van de man in de rolstoel.

Misschien ligt het aan mij dat ik Jezus en Maria niet met kerkgewaden kan verbinden.
Misschien gaat het daar ook helemaal niet om.
Misschien gaat het alleen om wat iedere deelnemer aan het bedevaartsspel er in zijn hart aan overhoudt.

zondag 2 mei 2010

HEMEL EN HEL

Een Samurai kwam om Hakuin op te zoeken, de Zen meester.
'Is er een Hemel en een Hel?' vroeg de samurai.
'Je moet eens naar jezelf kijken!' zei Hakuin. 'Je hebt je in geen dagen geschoren. En je kleren zijn smerig! Noem jij jezelf een samurai?'
De samurai greep dreigend naar z'n zwaard.
Zo!' zei Hakuin. ' Ik zie dat je een zwaard hebt. Waarschijnlijk is het roestig. '
Nu begon de samurai z'n zwaard te trekken.
'Goed zo', zei Hakuin, 'open de poorten van de Hel.'
De samurai bromde wat, en stak het zwaard weer in de schede.
'Zo dus', zei Hakuin, 'openen zich de poorten van de Hemel. '

Gary Zukav vert. uit : 'Soul Stories'

TIME - SLIPS

Tijd beweegt zich alleen schijnbaar recht vooruit. 'The Arrow of Time' is een mooie manier om je voor te stellen hoe de tijd zich in een rechte lijn voortspoedt, maar het is een verkeerde.
Tijd is veel complexer, en heeft te maken met verleden, heden en toekomst.
Verleden- en Toekomende tijd zijn niet weg of nog niet hier: ze zijn er nu, en helderzienden en psychometristen kunnen er soms, al of niet vrijwillig, een kijkje nemen.
Maar een nog vreemder verschijnsel is de Time-Slip, als 3D gebeurtenissen uit het verleden ineens de werkelijkheid van het moment verdringen. Als mensen en dieren en scènes uit het verleden of de toekomst verschijnen op plekken waar ze niks te zoeken hebben...althans niet in deze tijd. Dan is er geen sprake van een visioen, een ingeving, een psychometrische impressie, maar van een beleving die zo werkelijk is alsof men er middenin staat.
Zo'n verhaal kom ik tegen in FATE. De schrijfster vertelt over iets wat ze meemaakte als 14 jarig meisje, maar wat ze, begrijpelijk, nooit meer vergat. Tot het haar nogmaals overkwam.....

"Het gebeurde in 1966. Ik was aan het winkelen in Woolworth (een groot warenhuis) in San Francisco. Het was druk, want de feestdagen waren in aantocht. Ik liep de trap af naar de kelder, waar de koopjesafdeling was.
Maar toen ik onderaan de trap was stond ik ineens in een andere wereld.
De winkel zag eruit als een scène uit een Western, compleet met buikkacheltje en een besnorde man die achter de toonbank in mijn richting stond te gluren. Ik knipperde een paar maal, maar de ruimte bleef hetzelfde.
Twee vrouwen liepen door het gangpad van de krappe winkel, maar zij schenen mij niet te zien. Een van de vrouwen hield een kleine jongen in bedwang die tegen een vat stond te trappen. Ik had het gevoel dat ik door een glazen wand naar ze stond te kijken; ik zag hen maar zij zagen mij niet.
Op het moment dat ik een voet op de trap zette, verdween alles, en stond ik weer in de kelder van Woolsworth.
Ik kon het voorval niet uit mijn hoofd zetten, maar natuurlijk vertelde ik het aan niemand, bang voor de reacties van mijn familie en vriendinnen.
Maar nu, 30 jaar later, is het me weer overkomen.
Een goede vriend van mij doet onderzoek in een afgelegen gebied van Nevada, en we hadden afgesproken dat ik hem daar zou ontmoeten. Op de tweede dag van mijn verblijf ging ik wandelen en nam m'n hond mee. Die zat al snel achter een konijn aan dat ons pad kruiste. Terwijl ik haar in de gaten hield, zag ik een oude kar aankomen die getrokken werd door twee vermoeid uitziende ossen, geleid door een armoedig uitziende man. Langzaam kwam de wagen naderbij, en ik zag dat er een pijnlijk magere vrouw op de bok zat met een kleuter in haar armen.
En jonger kind hield haar rokken vast. De wagen reed voorbij en de man scheen geluidloos de ossen aan te sporen terwijl de vrouw in de verte staarde. Toen ik me omdraaide bleek er nog een andere wagen achteraan te komen die heel langzaam vooruit kwam. Ik had het benauwd door het opgewaaide stof van de woestijn, en hield m'n mouw voor m'n mond.
Toen blafte m'n hond. de wagens waren verdwenen, en ik was weer terug waar ik deze werkelijkheid had verlaten: bij het gadeslaan van m'n hond die achter het konijn aanjoeg.
Langzaam liep ik terug naar ons kamp, wetend dat het voor de tweede keer was gebeurd, zonder dat ik er een verklaring voor kon bedenken.
Ik ben een nuchter mens die niet ten prooi valt aan visioenen, en ik ben ook niet helderziend. Maar om de een of andere reden kom ik soms in een andere tijd, of een andere dimensie terecht."

SLIMME DIEREN

In stripverhalen en animatiefilms stikt het van de slimme dieren. Maar meestal zijn die dieren alleen variaties op het thema mens, en zijn ze niet bedoeld als een representatie van een intelligent dier 'in its own right' .
Dierenverhalen zijn vaak parabels waaraan wij ons als mens kunnen spiegelen en ons kunnen herkennen.
In het literatuurgenre 'fabel' is dat ook expliciet de opzet.
Mensen komen in al die genres dan ook spaarzaam of helemaal niet voor, en al ze er wel in figureren, zoals in Marten Toonders Olivier B.Bommelverhalen, dan zijn ze niet te onderscheiden van de als dier voorgestelde mensen.
Soms worden de rollen omgekeerd, zoals in de Aardman producties 'Chicken Run' , waar de kippen slim en creatief zijn en de mensen onmogelijk dom.

Hetzelfde recept geldt voor het hele grappige Shaun the Sheep: een slim schaap dat de domme schapen opzet tegen een nog dommere boer.
De serie Wallace and Gromit, waarin een vreselijk slimme hond zijn uitvinder-baas voortdurend uit de puree moet halen is een andere vorm van relatie tussen dier en mens, en een qua intelligentie meer evenwichtige. Een fantastisch duo, elk met z'n eigen sterke kanten. Dat de zo menselijke hond bij het zien van een bot in stereotiep hondengedrag vervalt voegt extra humor toe aan de hilarische capriolen van het tweetal.
Het geheim van zulke dierlijke fantasy is altijd het voorspelbare, de typetjes, de vastliggende karakters die voor eendere maar toch steeds weer verrassende avonturen zorgen. We zijn wat dat betreft als kleine kinderen: we houden van duidelijkheid en herhaling, en een voorspelbare afloop.

Mens en huisdier, een veelbeschreven, bezongen, en beweende combinatie.
In het werkelijke leven zijn dieren minder voorspelbaar, en mensen ook.
Ons begrip van intelligentie is tamelijk beperkt. We mogen ons graag beroemen op al onze intellectuele prestaties, en daar kunnen dieren natuurlijk niet mee concureren. Maar waar ze ons te slim af zijn is op die gebieden van het leven die voor hen van levensbelang zijn.
Als onze instrumenten nog niet op tilt slaan vanwege een naderende vulkaaneruptie, hebben plaatselijk levende dieren al het veld geruimd.
Waar wij een GPS nodig hebben om onze bestemming te bereiken, vliegen vogels en vlinders moeiteloos naar de juiste plaats om zich voort te planten.
Waar wij vergiftigd zouden kunnen worden door het eten van de verkeerde paddestoelen of planten, weet een dier precies het onderscheid tussen voedzame en giftige bessen.
Zulke eigenschappen noemen we 'instinct' , zonder overigens te kunnen verklaren wat 'instinct' nou precies is.
Je zou het met hetzelfde recht ESP kunnen noemen.
Honden weten wanneer hun baas thuiskomt. Rupert Sheldrake heeft daar een boek over geschreven.
Konijnen weten zelfs in een onderzeeër dat iemand aan het andere eind van de aarde bezig is hun jongen te vermoorden. Zulke schandalige proeven zouden konijnen niet kunnen bedenken, dat is typisch menselijk, maar het zegt iets over hun ESP gevoeligheid.
Legio zijn de verhalen van mensen die gered zijn door dieren, gewaarschuwd door dieren, bewaakt door dieren, verdedigd door dieren, en teruggevonden door dieren, die daar soms hele continenten voor hebben doorkruist.
Instinct? Helemaal niet.

Puur dierlijk denkwerk, en vanzelfsprekend vertrouwen in hun natuurlijke paranormale gaven. iedereen die ooit een hond of kat heeft gehad en daar van hield, zal dat kunnen beamen.
Ons ongeluk is dat we met onze menselijke intelligentie vaak de verkeerde dingen doen.
Dat is niet slim, maar oliedom.
Wat voorspellende gaven betreft verliezen we ruimschoots van de dieren.